Dialoog


Afstemmen

Hulpverleners hebben behoefte aan een op onderzoek gebaseerde en praktisch goed uitvoerbare methode om afstemming met hulpvragers te optimaliseren. Goede afstemming tussen hulpverleners en hulpvragers over wat speelt en wat nodig is, vergemakkelijkt immers het hulpverleningsproces en verhoogt de kans op een positieve uitkomst. Het Dialoogmodel is wetenschappelijk onderzocht en is universeel toepasbaar met name wanneer meervoudige, complexe gezondheidsproblematiek aan de orde is. Ongeacht de aard van de problematiek, de diagnostiek en de complexiteit van omgevingsfactoren, en de discipline die is betrokken, kan steeds hetzelfde format worden gebruikt. Hulpvragers raken snel vertrouwd met de Dialoogmodelmethode. Het gebruik ervan nodigt hen uit om zich actief in te zetten tijdens het zorgproces en helpt bij het doelgericht afstemmen van de behandeling op hun voorkeuren, waarden en behoeften. Hulpverlenen volgens het Dialoogmodel houdt uitdrukkelijk in dat de hulpverlener niet tracht aan de hulpvragen(s) ‘het verklarend model’ van de hulpverlening te verduidelijken, maar juist het omgekeerde: in samenspraak met de hulpvrager(s) gaat de hulpverlener regelmatig na of zij/hij de hulpvrager(s) goed heeft begrepen. De professionele opvattingen en mogelijke antwoorden worden afgestemd op de inbreng van de hulpvragers op inzichtelijke wijze gecommuniceerd. Het Dialoogmodel is van aanmelding tot follow-up in te zetten.

Dialoog in begrijpelijke taal

De hulpverlener bespreekt met de hulpvragers ‘wat hen hindert en ook wat hen helpt, waar zij in vastlopen en wat hen zelf wel goed lukt’. Ook wordt expliciet aandacht geschonken aan de krachten, talenten, mogelijkheden en eigen ervaring van alle betrokkenen. Hier liggen immers vaak de aangrijpingspunten voor behandeling. Ze spreken samen af ‘waarbij en op welke wijze hulpverlening tijdelijk ‘mee regelt’ totdat de hulpvrager(s) het zelf weer voldoende geregeld krijgen’. De term ‘regelen’ is een kernbegrip van het Dialoogmodel. Met dit woord zijn diverse thema’s op waardevrije, neutrale wijze te concretiseren zoals: wat krijgen de hulpvragers wel en niet meer geregeld? Hoe kunnen de hulpverleners (tijdelijk) mee regelen? Hoe regelen ze het samen en wie kan wat regelen op welke manier? Regelen staat hierbij voor: reguleren, samenwerken, overeenkomen, organiseren, voor elkaar krijgen, oplossen, enzovoorts.

De dialogische attitude en het gebruik van gewone taal in plaats van vaktaal bevorderen de actieve inbreng van de hulpvragers hetgeen de samenwerking en afstemming ten goede komt.